Social media en wetenschapscommunicatie

Vandaag heb ik een presentatie(zie hieronder)  verzorgd voor het Platform voor Wetenschapscommunicatie. Ik was gevraagd om daar een lezing te verzorgen over het gebruik van social media in wetenschapscommunicatie, dit naar aanleiding van een verhaal dat ik eerder had geschreven over mijn ervaringen met wetenschap in 140 tekens.

Social media stellen medewerkers  bij universiteiten en kennisinstellingen in staat om zelf naar buiten te komen met hun werk, zonder het filter van de centrale dienst Communicatie (voor de persberichten) en zonder het filter van tijdschriftredacties (voor de artikelen). Waar we tot voor kort voornamelijk beschikten over wetenschappelijke – en vaktijdschriften, congressen, en onze facultaire webpagina, hebben we nu plotseling de beschikking over eigen media. Sommige medewerkers maken daar zeer actief gebruik van, de meesten veel minder. Dat gaat veranderen. De universiteit heeft een continue instroom van jonge mensen en die nemen hun eigen media mee.

Tijdens de bijeenkomst ontspon zich een interessante discussie over het naar buiten brengen van onderzoek dat verricht is in het kader van de masterthesis. Veel universitaire communicatie-afdelingen willen daaraan maar mondjesmaat aandacht besteden. Logisch: er studeren immers duizenden studenten per jaar en afstudeerwerk zou de stroom van persberichten gaan domineren. Toch is dat een gemiste kans omdat het in veel afstudeerwerk gaat om goed onderzoek met mogelijk een hoge relevantie voor de praktijk. Social media zijn bij uitstek geschikt om medewerkers en studenten zelf te laten vertellen over hun onderzoek. Met het risico dat er zo nu en dan afstudeerwerk naar buiten komt waar een universiteit liever niet mee geassocieerd wil worden. Maar daar tegenover staan dan tien scripties die wel de moeite waard zijn. Aanstaande studenten krijgen zo beter zicht op wat er binnen een bepaalde studierichting gebeurt, en voor diegene die in de praktijk werken is het een mogelijkheid om op de hoogte te blijven van nieuwe ontwikkelingen in hun vakgebied.

Ik geloof niet zo in het simpelweg uploaden en beschikbaar stellen van al het afstudeerwerk. Veel nuttiger wordt het wanneer studenten en medewerkers zo nu een dan een scriptie kort behandelen in een blogpost. De meeste lezers zullen volstaan met de 600 worden blogpost, de geïnteresseerden kunnen de gehele scriptie downloaden. Een complicatie is wel dat sommig afstudeerwerk de basis vormt voor latere wetenschappelijke publicaties. Tijdschriften willen niet graag iets publiceren dat al vrijelijk op het web rondzwerft. In Nederland hebben wij wel het voordeel van een klein taalgebied: Nederlandstalige blogpost en afstudeerscriptie zullen een internationale publicaties niet zo snel in de  weg staan.

Dit bericht is geplaatst in Communicatiewetenschap, Hoger onderwijs, Onderzoek, Social media, Twitter met de tags , , , , . Bookmark de permalink.

9 reacties op Social media en wetenschapscommunicatie

  1. huub eggen schreef:

    Ik kon er helaas niet bij zijn, maar blogs en twitter zijn inderdaad de volgende stap in het zijn van je eigen nieuwskanaal naar de wereld, met alle mogelijkheden tot reageren door lezers/gebruikers. Een uitdaging om daar betrouwbare wetenschapscommunicatie mee te gaan bedrijven.

  2. Interessante ontwikkeling, Peter. Deze transparantie zal ind e toekomst steeds normaler worden en ook de tijdschriften zullen hiermee om moeten gaan. Hun toegevoegde waarde blijft onveranderd en blijkt uit de bespreking van de scripties. Wellicht is de tussenoplossing nu nog om volledige scripties alleen op verzoek toe te sturen en niet downloadable te maken? De blogposts zijn dan de smaakmakers.

  3. Jasper schreef:

    Goed idee! Lijkt me ook leuker voor de student. Ik krijg nog wel eens het idee dat veel scripties in de la verdwijnen. En dat motiveert ook niet natuurlijk.

  4. Ik denk dat een deel van het probleem ook een gebrek aan capaciteit is. Je wilt niet weten hoe weinig fte er bij de meeste universiteiten beschikbaar is voor pers-/wetenschapscommunicatie (vaak in tegenstelling tot de studievoorlichting/marketing).

    Kerntaken van wetenschapsvoorlichters bij universiteiten zijn het maken van de wetenschapsagenda, het schrijven van persberichten en het verwijzen van journalisten. Die persberichten willen we zo veel mogelijk laten gaan over voor ons ‘belangrijke’ onderwerpen, en we zijn al lang blij als we een heel klein beetje strategisch bezig kunnen zijn in onze onderwerpskeuze.
    En daarmee vallen scripties ruimschoots buiten ons blikveld, want we komen al amper aan de ‘echte wetenschappers’ toe.

    In Delft – de TU is mijn eigen werkgever – maken we juist wel bewust en erg dankbaar gebruik van de vele studentenprojecten (Nuna is er slechts één van velen), die we vanwege de pr-waarde alleen al flink koesteren. We schrikken dus wat minder van scripties en studenten in de media, en zullen er zeker (strategisch ook) mee naar buiten treden – als we het op tijd te horen krijgen: http://bit.ly/i3zovZ.

    Dat wetenschappers en studenten zelf de openheid kunnen gaan opzoeken juich ik dan ook heel erg toe, maar er blijft een rol weggelegd voor ons voorlichters, om ze daarbij te helpen/adviseren. Want ‘communicatie’ blijft wel gewoon een vak en de wetten van de media komen – voor zover ik weet – nog niet standaard in colleges aan bod.

  5. Rene Quist schreef:

    Heerlijk die stroom aan reacties op mijn opmerking over de ‘Frans Bauer universiteit.’ Dat is precies wat Social Media zo leuk maakt. Maar in het rumoer van de discussie viel misschien mijn nuance weg. Daarom nogmaals mijn betoog:

    Wij waren juist erg blij met alle aandacht die Lia Hollemans heeft gegenereerd met haar scriptie over Frans Bauer. Ook hebben we actief media gestuurd naar deze plaatsgenoot van Bauer.

    Leuk onderzoek, veel aandacht en precies het soort onderzoek waar de EUR en dan met name de faculteit FHKW graag mee in de media scoort.

    Toch roept het een vraag op. Als persvoorlichting probeer je te sturen met welk onderzoek je in de media komt. Dat lukt maar ten dele, maar toch.

    Door de komst van social media wordt het voor studenten makkelijk om hun onderzoek naar buiten te brengen. Is dat erg? In principe niet, alleen is het nu eenmaal zo dat onderzoek over bijvoorbeeld Frans Bauer makkelijk breed wordt opgepikt. En het is niet meer dan logisch dat de komende jaren steeds vaker leuke masterscripties hun weg naar de media zullen vinden.

    Tel daar nog de proefschriften bij op die bij de EUR ook soms gaan over makkelijk door media te souperen onderwerpen als kledingstijl, leiderschap, games of popmuziek en voor je het weet beslaat een groot deel van media-aandacht van de EUR louter nog dergelijk onderzoek. En dat terwijl er ook op het gebied van gezondheidzorg, staatsrecht, filosofie, en econometrie prachtig onderzoek wordt gedaan.

    Wil de EUR ook op die gebieden aan bod komen in de media vereist dat actie van de wetenschappers en van de voorlichting om scheefgroei te voorkomen.

    En juist dat wilde ik aangeven: social media is niet zo maar een instrument, het is een niet te negeren kracht die de rol van persvoorlichters en ook die wetenschappers verandert.

    Het is daarom verstandig om stil te staan bij de effecten van social media want hoe zeer ik ook fan ben van Frans Bauer, ik zou er niet blij van worden als de EUR louter nog geassocieerd wordt met onderzoek naar populaire cultuur.

  6. Alex den Haan schreef:

    Afgaande op bovenstaande blog, de reacties en eerder de #pwc twitterstream denk ik dat verschillende manieren van publiceren ook een rol spelen. Traditioneel en vanuit een vertrouwde werkwijze, leunt men nog erg op “closed” modellen, waarbij zaken als embargos en de juiste contacten (en de dus rol van een voorlichter) nog belangrijk(er) zijn. Ook de opmerking over het nut cq de waarde van eerder gepubilceerd materiaal onderstreept dit naar mijn mening.

    Daar waar scripties in repositories openbaar worden en men keuzes maakt voor Open Access zal de rol van een voorlichter, en de mogelijkheden voor de wetenschapper, anders worden. Ik sluit me dan ook geheel aan bij de opmerkingen van Roy Bakker.

    Want of men nu verder de ladder van Academia op wil gaan, of als trotse alumnus de arbeidsmarkt op stapt, het is natuurlijk mooi om te laten zien wat je hebt gedaan, waar je mee bezig bent en wat je nog meer wil gaan doen. Communicatie afdelingen kunnen juist hier op meeliften ter meerdere eer en glorie van hun instelling 😉 .

    Ja misschien zul je als WeVo wat controle moeten opgeven, en wellicht moet je harder je best doen om “serieuze wetenschap” voor het voetlicht te krijgen, maar wees gerust: De sociale media skills van de serieuze wetenschapper en de kennis die de voorlichter/communicatie professional daar van heeft (of: op gaat doen) zal men juist in staat stellen om “breder” te informeren en efficient voor meerdere doelgroepen te kunnen werken.

    Zoals ik het als buitenstaander zie zal een “serieuze” wetenschapsredactie/WetJo altijd wel oren hebben naar bijzondere bevindingen nav promoties of naar nieuwtjes uit de groep van geronemmeerde wetenschappers, het is juiste een uitgelezen kans om ook met andere redacties (en mediatypes?!) in contact te komen.

    Waar ik nog wel nieuwsgierig naar ben. Is of er een eenduidig antwoord te vinden is op de volgende vragen:
    * Waar ligt nou eigenlijk de verantwoordelijkheid voor: “Popularisering van Wetenschap”, “Public Understanding of Science”, “Outreach” en dergelijke?
    * Hoe belangrijk is de “Personal Brand” van een wetenschapper voor hem zelf en voor de instelling waar hij aan verbonden is/was?

    Zouden decanen, communicatiemedewerkers, voorlichters, journalisten, wetenschappers, studenten, bibliotheek medewerkers, Mobiliteitscentra/P&O medewerkers daar een éénduidig antwoord op kunnen geven?

    Ik denk haast van niet, maar naar mijn mening zal er wel een samenwerking door al die kolommen heen moeten zijn om sociale media te omarmen, met elkaar te leren en samen tot een aangepaste (verbeterde?) werkwijze te komen.

    Wees gerust, die investering is het vast waard en zal heus niet ten koste gaan van kostbare tijd of geloofwaardigheid.

    Ik put goede hoop uit de opmerking van Rene Quist: “Wil de EUR ook op die gebieden aan bod komen in de media vereist dat actie van de wetenschappers en van de voorlichting” die ik gemakshalve interpreteer als een oproep om juist Sociale Media te gaan gebruiken.

  7. Pingback: Communicatieopleiding zonder social media: Kan dat?Yoshi Tuk

  8. Pingback: Sociale media in het hoger onderwijs | Wilma van den Brink

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *